Zoekresultaten

Gitaar

Gitaar

Het bovenblad is uit twee delen naaldhout (spruce), het achterblad en de zijkanten van (donker) palissander. Het achterblad heeft een lichthouten randinleg evenals de onderkant waar de beide zijkanten tezamen komen. Het bovenblad heeft een witte (kunststof) randinleg. Het klankgat heeft eveneens een witte (kunststof) randinleg met daaromheen aansluitend een dunne ebbenhouten inleg. Op ongeveer 2 cm afstand bevindt zich een volgende met ebbenhout ingelegde cirkel om het klankgat. De hals en de hiel van de gitaar zijn elk in de lengte opgebouwd uit drie delen hout waarvan de buitendelen van de hals van esdoorn zijn. Op de onderkant van de hiel is een plaatje palissander aangebracht. De kop van de schroevenkast is gefineerd met (vermoedelijk) notenhout. De op het voorblad bevestigde kamhouder is van palissander, de kam en de brug van witte kunststof. De toets is van palissander en heeft 19 hele fretten en 1 gedeeltelijke fret op de hoogste positie bij het klankgat. De stemmechanieken zijn die van een klassieke (Spaanse) gitaar. De besnaring is metaal omwonden voor de laagste drie snaren en nylon voor de hoogste drie snaren. De stemming is E A d g b e’. Binnenin, ter hoogte van het klankgat, bevindt zich een etiket met daarop vermeld: Atelier voor Artistieke Gitaarbouw; C. Schoemaker Laren N.H.; No.90; 1950. Laren NH (Nederland), 1950. Aangekocht bij Baron te Londen in 1972. Lengte 99 cm, mensuur 65 cm, bovenbreedte 29 cm, middenbreedte, 25,5 cm onderbreedte 37 cm, diepte 9,5-10 cm. Atelier voor Artistieke Gitaarbouw; C. Schoemaker Laren N.H.; No. 90; 1950