Zoekresultaten

Luitgitaar

Luitgitaar

Het corpus bestaat uit 13 spanen van ahornhout gescheiden door geschilderde aderen en afgewerkt met een sluitband, waarin aan de onderzijde een knop voor een draagband is bevestigd. Ook de hals is van ahorn gemaakt. Het voorblad en de rozet zijn van vurenhout. Het voorblad heeft een randinleg van ebbenhout en ivoor. De open schroevenkast, gelijkend op die van een viola da gamba, heeft zes achterstandige stemschroeven met wormwielmechaniek. De knop aan de bovenzijde van de schroevenkast is afgebroken. Op de palissander toets bevinden zich negen metalen fretten en op het voorblad vijf van ebbenhout. De toets is golvend gesneden, tussen de fretten zijn aldus kuiltjes ontstaan. Er zijn twee paarlemoeren stippen ingelegd. De snaren zijn vlak achter de kam bevestigd aan zes ebbenhouten knopjes met paarlemoeren inleg. De stemming is die van een gitaar. Tsjechië, omstreeks 1920. Lengte 95,5 cm, mensuur 61,5 cm, maximale breedte 32,2 cm, maximale diepte 13,5 cm. Schenking M. Flothuis 1978.